BLOG / Kopen

We zoeken een koophuis en betreden daarmee de hel die de huizenmarkt momenteel is. Toch vertrek ik maar weer vol goede moed naar een open huis.

Mijn eega kan geen vrij krijgen, dus ga ik alleen. Bij binnenkomst blijken er nog zo’n tweehonderdvijfentachtig andere geïnteresseerden te zijn. Het complete pand is bezaaid met mensen en het bezichtigen van een kamer is een doldwaze groepsactiviteit. Ondertussen kijken de potentiële kopers elkaar schichtig aan en wordt er geen gedag gezegd. Vriendelijkheid is immers levensgevaarlijk wanneer je allemaal op hetzelfde aast.

In de ruimtes smiespelen koppels over weggepoetste scheuren in het cement, de afwerking van de raamkozijnen en de mogelijkheden en onmogelijkheden van de badkamer. Zodra ze vermoeden dat je meeluistert, wordt het gesprek gestaakt, want stel je voor dat je cruciale informatie voor onderhandeling oppikt. Ik glimlach geruststellend, maar mijn vredesteken wordt genegeerd.

“Ja, nee, het is nu natuurlijk een héééééle heftige markt, en daarom is zo’n práááchtig afgewerkt huis als dit zóóóóó weg!” kirt de verkoopmakelaar met een opgeplakte glimlach. Vervolgens licht een te eerlijk stel met een kindje op komst haar uitgebreid in over hun huizenzoektocht en persoonlijke situatie, terwijl de makelaar het verhaal gretig absorbeert. Stop met praten jongens, wil ik roepen, ze kan deze informatie straks keihard tegen jullie gebruiken.

Ook ik stel een paar vragen, en krijg drie keer als antwoord dat ze daar nog geen uitspraken over kan doen. Maar het is wél een huis dat morgen al verkocht kan zijn, dus als ze mij was, zou ze maar héél snel een besluit nemen. Ik kijk om me heen en zie alle gegadigden door de ruimte krioelen. Als je in je eentje door je Funda-app scrolt, hoop je tegen beter weten in dat jij de enige bent die dit paleis heeft ontdekt. Hier wordt de realiteit me echter duidelijker dan ooit: het is oorlog.

Buiten spreekt een oudere vrouw, die net is gearriveerd met haar dochter, me aan. “Jeetje, hoeveel kijkers zijn er wel niet?” vraagt ze beduusd. Ik schrik op van deze onverwachte interactie. “Tja”, zeg ik, “Ik weet niet of ik dat wel wil weten…” “Maar hoe werkt dat dan?” vraagt ze. “Moet je ter plekke opschrijven hoeveel je zou willen bieden, en moet je dan ver boven de vraagprijs gaan zitten? Weet jij dat?” Ik stel haar gerust, al staat haar schattige vraag eigenlijk niet zo ver af van de werkelijkheid. Snel haal ik mijn fiets van het slot en ik rijd weg van die werkelijkheid, naar huis, een huis zonder makelaar en pottenkijkers.

 

 

Bron afbeelding: www.compfight.com 

Add a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.