BLOG / Kit

Net als ik verzucht dat een kitten vinden nog helser is dan een huis zoeken, omdat alle nestjes op Marktplaats binnen tien minuten zijn gereserveerd, ontdek ik een advertentie die nét is geplaatst.

Blijkbaar heb ik niet voor niets dagenlang obsessief door poezennestjes gescrold, en daardoor elke nacht onrustige dromen over grote hordes kittens gehad. Opgetogen spring ik uit bed. “KIIIIIIIJJJJJJK!!!!! ALLEMAAL SUPERSCHATTIGE CYPERSE KATJES, NET ONLINE GEZET!!!!!!!” schreeuw ik tegen een half slapende A., terwijl ik mijn telefoonscherm in zijn gezicht duw. Gapend constateert hij dat dit inderdaad hele leuke, ontwormde en gesocialiseerde beestjes zijn, waarna ik met kloppend hart het nummer van de advertentie bel.

“Jaaaaa?” klinkt het aan de andere kant van de lijn. Ik ben de eerste die belt en we kunnen vanmiddag al langskomen. Voorzichtig vraag ik of we het beestje dan ook meteen mee mogen nemen, maar omdat ik zo ingelezen en geschikt mogelijk over wil komen, suggereer ik snel dat het daar misschien nog véél te vroeg voor is. De kittenmevrouw vindt dit duidelijk een overbodige gedachtegang en antwoordt dat ik maar effe een bakkie mee moet nemen waar het beessie in ken.

Een paar uur later staan we middenin een smoezelige woonkamer, die naar een overschot aan dieren en een chronisch gebrek aan allesreiniger ruikt. Vanuit elke hoek in de ruimte staart een mini-katje ons oenig aan. De praatgrage puberdochter des huizes vertelt dat ze vooral groot fan is van de allerkleinste, omdat hij een grote knuffelaar is die een week bij haar op bed lag toen ze griep had. A. en ik kijken elkaar aan en weten dat onze keuze gemaakt is. Dit katertje gaat mee naar huis, en we noemen hem Kit.

Kort daarna schreeuwt de kleine knuffelaar moord en brand, omdat opgesloten worden in een kooitje en weggerukt worden van zijn moeder niet echt zijn recept voor levensgeluk is. Thuisgekomen inspecteert hij voetje voor voetje een paar centimeter van de ruimte, waarna hij veilig op mijn schoot kruipt. Jeetje, wat hebben we toch een ongelofelijk snoezig, bescheiden en aanhankelijk diertje gekozen! Met tegenzin gaan we naar bed en nemen we afscheid van ons nieuwe knuffeltje, dat tevreden in slaap is gevallen tussen een bouwwerk van kussens.

De volgende dag blijkt de bescheiden knuffelaar echter ook over een innerlijke Rambo te beschikken. Ineens bekijk ik onze woonkamer met hele andere ogen, want ik heb nooit geweten waar je allemaal op, onder, naast, tegen of tussen kan komen. Nieuwsgierig stuitert, klauwt en kruipt Kit de kamer rond. Tussen zijn onderzoekjes door leren we hem dat brokjes en water net zo verteerbaar zijn als poezenborstvoeding, en staan we apetrots te juichen wanneer hij voor het eerst zijn behoefte doet op de kattenbak.

Tegelijkertijd is het ook enorm wennen. Ineens sprint er een beestje door het huis, een beestje dat je moet koesteren, entertainen, opvoeden en waar je op tijd voor naar huis moet. Een beestje dat je meubels sloopt, je schrammen bezorgt en af en toe ook een hartaanval, omdat hij bijvoorbeeld voor het eerst een trap ziet en er keihard van af lazert. Bovendien word ik door vrienden plotseling in allemaal katten-posts getagd op Facebook. Help, ik ben geen kattenvrouwtje; ik ben een hondenmens!

Terwijl ik dit schrijf, is Kit onder mijn vest naar mijn onderrug gekropen en daar in een diepe slaap gevallen, nadat hij minutenlang aandachtig mijn tikkende vingers heeft bestudeerd. Tegen de rugleuning zitten is nu niet meer mogelijk, waardoor ik in een nogal oncomfortabele positie verder typ. Mijn favoriete stoel en plekje op de bank heeft hij ook al ingepikt en van krabpalen moet hij vooralsnog niets weten, omdat je veel beter je nagels in benen en gordijnen kan zetten.

Toch kan het me weinig schelen, want er ligt een warm spinnend aapje tegen mijn rug, en ik geloof dat ik al een beetje van dat aapje hou.

4 Comments

Add a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.